SP stelt vragen over voortgang Bosscherwaarden

SP Logo

SP Logo

Wijk bij Duurstede, 30 mei 2015. Op 11 mei stelde de SP schriftelijke vragen aan het college over de gang van zaken rondom de plannen van BV Bosscherwaarden. ‘Alle ‘in en outs’ van de plannen van BV Bosscherwaarden zijn uw college genoegzaam bekend. De plannen van de projectontwikkelaar om in de Bosscherwaarden zandwinning en slibstort te plegen zijn in het stadium van de MER-toetsing. De projectontwikkelaar is doende om de nodige vergunningen en ontheffingen te verkrijgen. De gemeente is in de MER zowel bevoegd gezag als wettelijk adviseur’, aldus Jan Oechies van de SP.

’Beide trajecten vinden echter buiten het gezichtsveld van de raad plaats. Het is van essentieel belang dat het MER-traject goed verloopt. Hierin zijn onder andere begrepen de mate van agrarisch en recreatief gebruik. Zoals bekend wil de projectontwikkelaar niet de huidige natuur versterken maar wordt geopteerd voor een transitie met ooibossen (welke momenteel niet in de kleiputten ter plekke voorkomen) en vrijlopende ‘grazers’ die in de huidige natuur niet voorkomen.’

‘De plannen van de ontwikkelaar vinden tevens bij de omwonenden geen steun’, vervolgt Oechies. ‘Zij hebben geparticipeerd in een stuur- en klankbordgroep. Zij voelen zich daar niet gehoord. De fractie van de SP maakt zich, zoals wij in de afgelopen periode in de raad hebben geventileerd, zorgen over de plannen van de projectontwikkelaar en de onomkeerbaarheid hiervan. Wij willen daarom, zeker in deze fase, de vinger aan de pols houden. De fractie van de SP wil tevens een hoorzitting houden waarbij deskundigen ons kunnen adviseren rond de wenselijkheid van de plannen van de projectontwikkelaar. Hierbij kunnen ook aspecten als een andere financiering van haalbare en wenselijke onderdelen van de Visie Rivierfront aan de orde komen.’

Stand van zaken

Oechies: ‘Hoe is op dit moment de stand van zaken rond de ontwikkeling van de voorbereidingen van de plannen de Bosscherwaarden BV inzake de zandwinning en slibstort?’Wethouder Hans Marchal antwoordt: ‘Op 19 februari jl. heeft de initiatiefnemer een informatieavond gehouden in het Revius. Het inrichtingsplan werd gepresenteerd en toegelicht en er werd een doorkijk gegeven naar de komende periode. In de maanden maart-juli zou het uitvoeringsplan, de Milieu Effect Rapportage (MER) en een voorstel voor maatschappelijke compensatie worden opgesteld. Nadien heeft er nog één overleg over de MER-rapportage plaatsgevonden, waarin de ambtelijk vertegenwoordigers van de bevoegde gezagen (Provincie, Rijkswaterstaat, Heemraadschap en Gemeente) zijn bijgepraat over het inrichtingsplan en de MERplanning. Van gemeentezijde is in dat overleg aangegeven dat er sprake moet zijn van een door de MER-commissie beoordeelde en door de Provincie vastgestelde MERrapportage, alvorens de gemeenteraad een besluit over planologische medewerking zal nemen. De verwachting is dat de MER-procedure pas na de zomervakantie de inspraakprocedure zal ingaan. Met betrekking tot het uitvoeringsplan kan worden gemeld dat dit plan nog niet van de initiatiefnemer is ontvangen, evenals het voorstel voor maatschappelijke compensatie. Dit laatste hangt samen met het feit dat de gemeenteraad binnenkort wordt geïnformeerd over de Visie Rivierfront, daarbinnen lopende projecten en op te stellen prioritering daarvan.’

Opdracht en criteria

‘Welke opdracht en welke criteria zijn aan Arcadis meegegeven voor de MER-toetsen met betrekking tot de verschillende aspecten als aardkundige waarden, recreatie, agrarische gronden, cultuurhistorische waarden, oorspronkelijkheid van dit riviergebied, traditionele uiterwaarden, etc? Welke criteria heeft de gemeente als adviseur meegegeven?’, vervolgt de SP’er.

Marchal: ‘Voor de MER-procedure is de Provincie Utrecht het bevoegd gezag. De Gemeente heeft net als de andere bevoegde gezagen een adviserende rol in de procedure. Een onafhankelijke commissie voor de MER-procedure adviseert de Provincie, zo ook over de richtlijnen voor de MER. Gedeputeerde Staten van Utrecht hebben deze “Richtlijnen Milieueffectrapport Bosscherwaarden” de dato 13 mei 2003 vastgesteld, nadat een startnotitie ter inzage heeft gelegen van 13 januari 2003 tot 8 februari 2003. Vanuit de provincie is aangegeven dat deze richtlijnen nog actueel zijn en de procedure niet opnieuw behoeft te worden opgestart. De richtlijnen geven aan dat effecten van het initiatief moeten worden onderzocht ten aanzien van: bodem, water, rivierkunde, scheepvaart, verkeer, geluid, geur, stof, licht, natuur, landschap, aardkunde, cultuurhistorie en veiligheid. Gemeentelijk vastgesteld beleid wordt bij het bepalen van de effecten betrokken; er zijn geen aanvullende criteria vanuit de Gemeente meegegeven. Te uwer informatie zijn de richtlijnen op verzoek beschikbaar bij de Griffie.’

Omwonenden

Oechies: ‘In hoeverre zijn of worden de bedenkingen van omwonenden meegenomen in de opdracht aan Arcadis? Oftewel: Wat is er als draagvlak vanuit de omgeving meegegeven bij deze opdracht?’ Marchal besluit: ‘Door de initiatiefnemer is een inrichtingsplan opgesteld waarop omwonenden en belanghebbenden input en reactie hebben kunnen geven. Het is bekend dat met name omwonenden en enkele belanghebbenden bedenkingen hebben tegen het initiatief. Het inrichtingsplan dient als basis voor het actualiseren en afronden van de MERrapportage en is als zodanig ‘waardevrij’. Hiermee wordt bedoeld dat het een eindinrichting is, waarvan de milieueffecten, tezamen met het proces dat leidt naar deze eindinrichting, in beeld worden gebracht. Daarbij wordt geen aandacht geschonken aan de opinie en inbreng van andere partijen dan de bevoegde gezagen, omdat het handelt om een objectieve en waardevrije studie naar de effecten van het initiatief op de diverse onderwerpen. Wanneer de MER-rapportage gereed is, wordt deze wel gepubliceerd en kan bezwaar en beroep worden ingesteld.’